Brandende kaars

 

Een paar weken geleden had zij haar heup gebroken en een kophalsprothese gekregen. De operatie zelf leek geslaagd, maar het lichaam was op.
Het oude vrouwtje werd geteisterd door een ernstige decubitus, een blaas- en longontsteking. Met wat extra pijnstilling zou zij langzaam weg glijden.

Ik ging langs om dit te vertellen.                                                                                     Bij Bij binnenkomst zag ik hoe een oud mannetje de hand van zijn gedementeerde vrouw die hij jarenlang verzorgd had, liefdevol vast hield. Ik dankte hem dat hij haar zo goed verzorgd had, maar dat we nu afscheid moesten nemen en dat ik een kaarsje bij haar bed zou branden om haar licht te geven op dit pad.

Op de zusterpost zei men dat het branden van een kaarsje/waxinelichtje wegens brandgevaar niet was toegestaan.
Ontzet liep ik bij de medisch directeur binnen en zei dat wat mij betreft het woord ziekenhuis van de gevel afgehaald mocht worden; als wij als ziekenhuis geen respect voor stervende mensen konden opbrengen etc.

Ik vertelde het oude mannetje dat het niet kon, maar dat ik in mijn hart een kaarsje voor haar zou branden.  

Enkele weken later kreeg ik bericht dat de brandweer het in bepaalde omstandigheden toestond om een kaarsje te branden.

Piet Leguit, chirurg np

Deze bijdrage is een sterk verkorte versie van een hoofdstuk uit het boek “Verdrongen Gevoel”.